Wat is het Butterfly Model van de Ellen MacArthur Foundation?
Stel je voor: je bouwt een huis, maar dan anders. Geen lineair proces waarbij je grondstoffen uit de grond haalt, ze verwerkt en na een paar jaar weer in de afvalberg belanden.
Nee, je ontwerpt een systeem dat constant blijft draaien, net als de vleugelslagen van een vlinder. Dat is precies wat het Butterfly Model van de Ellen MacArthur Foundation doet.
Het is een visueel model dat de overgang van een lineaire naar een circulaire economie uitlegt. In plaats van te denken in 'grondstof naar afval', leer je denken in 'technische of biologische kringlopen'. Dit model is je kompas voor een toekomstbestendige bouwsector, waarbij je materialen zoals hout, stro en biocomposieten hun waarde behouden. Het draait allemaal om slim ontwerpen en hergebruik, zonder dat je nieuwe grondstoffen blijft oppotten.
Waarom dit model je leven makkelijker maakt
Denk even na over de bouwplaats van morgen. Je hebt stapels nieuwe bakstenen, isolatiemateriaal en hout.
Maar wat als je die materialen gewoon blijft hergebruiken? Het Butterfly Model laat zien hoe je afval omtovert tot grondstof. Dit is niet alleen goed voor de planeet, maar ook voor je portemonnee. Stel je voor dat je €500 per m² bespaart op nieuwe materialen door oude kozijnen te hergebruiken via urban mining.
Het model zorgt ervoor dat je kosten laag blijven en je minder afhankelijk bent van schaarse bronnen. In de biobased bouw, waar materialen zoals vlas of hennep groeien en afbreekbaar zijn, sluit dit perfect aan.
Je voorkomt verspilling en bouwt huizen die langer meegaan. Het is een win-win: minder uitstoot, meerwaarde voor je project.
De kern van het Butterfly Model: twee vleugels
Het model ziet eruit als een vlinder met twee vleugels. Aan de linkerkant heb je de biologische kringloop.
Hier draait het om materialen die veilig terugkeren naar de natuur. Denk aan houtwol isolatie of biobased gips. Deze materialen groeien weer aan, net als bladeren die vallen en composteren. Aan de rechterkant zit de technische kringloop.
Dit zijn materialen die je eindeloos kunt hergebruiken zonder kwaliteitsverlies, zoals staal of hoogwaardig gerecycled aluminium uit oude gebouwen. In het midden, de romp van de vlinder, zie je de 'gebruiksfasen'.
"De essentie is simpel: hou materialen in gebruik, zo lang mogelijk. Geen verspilling, maar waardebehoud."
Hier draait het om delen, hergebruiken en refurbishen. Bijvoorbeeld: je demonteert een oud kantoorpand en hergebruikt de betonnen elementen voor een nieuw wooncomplex.
Dit voorkomt dat materiaal 'sterft' in een afvalstroom. In de praktijk betekent dit dat je bij elke bouwkeuze nadenkt over de levensduur. Kies je voor biobased materialen, dan sluit je aan op de linkervleugel.
Kies je voor staal of glas, dan werk je in de rechtervleugel. Het model dwingt je om te ontwerpen voor demontage.
Stel je voor: een woning met schroefbare verbindingen, zodat je over 50 jaar de gevelpanelen makkelijk vervangt zonder alles af te breken. Dit is de kern van circulair denken in de bouw, stap voor stap.
Praktische werking: Hoe pas je het toe in de bouw?
Om het Butterfly Model te gebruiken, begin je met een materialenpaspoort voor je project.
Noteer elk materiaal: hoeveelheden, herkomst en recyclingpotentieel. Bij biobased bouw, zoals met houtvezelplaten van merken als Gutex, zorg je dat ze composteerbaar zijn. Prijzen? Een plaat van 12 mm dik kost ongeveer €40-€50 per m², maar door hergebruik bespaar je op de lange termijn 30-50% op materiaalkosten. Voor technische materialen, zoals recycled aluminium van de Urban Mining-winkel, betaal je €15-€20 per kg, maar het gaat een leven lang mee.
In urban mining graaf je letterlijk naar materialen in bestaande gebouwen. Denk aan het oogsten van bakstenen uit gesloopte huizen; een pallet van 500 stenen kost nieuw €200, maar via urban mining haal je ze voor €100 op en verwerk je ze in je nieuwe gevel.
Een concreet voorbeeld: een circulair kantoorpand in Amsterdam. Ze gebruikten 80% gerecyclede betonelementen, wat illustreert hoe het nieuwe verdienmodel voor architecten in de praktijk €100.000 bespaarde op een totaalbudget van €2 miljoen.
De biologische vleugel: daken beplant met sedum, dat water opvangt en groeit zonder extra kosten. De technische kringloop zorgt dat het staal uit de fundering later weer terugkomt in een nieuw project. Je ziet: het model werkt als een routekaart. Eerst materiaal selecteren, dan ontwerpen voor hergebruik, en tot slot sluit je de kringloop door reststromen te verwaarden.
- Stap 1: Inventariseer materialen (bijv. 100 m² houten vloeren).
- Stap 2: Kies biobased of technisch (bijv. €30/m² voor stro-isolatie).
- Stap 3: Ontwerp voor demontage (schroefbare systemen).
- Stap 4: Plan hergebruik (bijv. verkoop overtollig materiaal via platforms).
Verschillende varianten en kosten in de praktijk
Er zijn varianten van het Butterfly Model, aangepast aan bouwsectoren. In biobased bouw focus je op de linkervleugel: materialen die afbreekbaar zijn, zoals linoleum van kurk (€25-€35 per m²).
Dit sluit aan op urban mining voor natuurlijke grondstoffen. Voor stedelijke projecten kies je varianten met meer nadruk op de technische vleugel, zoals het hergebruik van betonpuin.
Prijzen variëren: nieuw beton kost €150 per m³, gerecycled puin €80-€100 per m³. Een specifieke variant is het 'Cradle to Cradle'-model, een aanvulling op het Butterfly Model, waarbij je certificeringen krijgt voor materialen zoals biobased hout van merken als Stora Enso. Kosten voor certificering: €5.000-€10.000 per project, maar het verhoogt de marktwaarde met 10-20%.
Een andere praktische variant is de 'sloop-naar-bouw'-aanpak via urban mining. Hier demonteer je een oud gebouw en hergebruik je 70% van de materialen.
"Een variant kiezen is als een menu: mix biobased en technisch voor een balanced circulair huis."
Voorbeeld: een gesloopte fabriek in Utrecht leverde 5.000 bakstenen op voor €2.500, terwijl nieuw materiaal €10.000 zou kosten. In de biologische kringloop kun je kiezen voor lokale materialen, zoals rijststro-isolatie uit Nederland (€20 per m²), die na gebruik composteren. De kosten hangen af van schaal: voor een kleine woning (100 m²) bespaar je €5.000-€10.000 door circulair te bouwen, terwijl grotere projecten tot €100.000 of meer uitsparen. Benieuwd naar de impact van je bouwproject?
Kies varianten die passen bij je locatie: stad = meer technisch, landelijk = meer biologisch.
Prijzen in detail: biobased composiet van Green Materials (houtvezel met bio-hars) kost €45 per plaat van 2,4 x 1,2 m. Hergebruik via urban mining levert besparingen op van 40-60% op materiaalkosten. Voor bedrijven: investeer €2.000-€5.000 in een demontageplan, en je verdient het terug in 2-3 jaar door materiaal te verkopen. Varianten zijn flexibel; begin klein met een tuinhuisje en breid uit naar complete wijken.
Praktische tips om direct te starten
Wil je het Butterfly Model toepassen? Begin met een eenvoudige scan van je huidige bouwproject.
Vraag je af: welke materialen kan ik hergebruiken? Gebruik apps zoals die van de Circulaire Bouwmarkt om materialen te vinden; prijzen liggen vaak 50% lager dan nieuw.
Combineer biobased met technisch: bijvoorbeeld een gevel van gerecycled aluminium (€20 per kg) met biobased houten panelen (€35 per m²). Test demontage op een schaalmodel; kost je €100, maar voorkomt duizenden euro's verspilling later. Tips voor urban mining: bezoek sloopbedrijven en vraag naar restpartijen.
Een pallet bakstenen haal je voor €100, inclusief transport. Voor biobased materialen: kies lokaal, zoals vlas uit Flevoland (€15 per rol isolatie). Monitor je voortgang: noteer hoeveel materiaal je hergebruikt en bereken de besparing (bijv. 20% minder afvalkosten). Sluit aan bij netwerken zoals de Ellen MacArthur Foundation-community voor gratis tools.
Zo bouw je niet alleen een huis, maar een toekomst. Stap voor stap, zonder stress.
