Waarom de huidige BTW-regeling hergebruik in de bouw remt

Portret van Thomas Hoekstra, Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Thomas Hoekstra
Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Concepten, Wetgeving & Subsidies · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Een bouwproject dat stilvalt omdat een partij tweedehands bakstenen levert. Een sloopbedrijf dat goede materialen naar de stort brengt, want recyclen is duurder dan nieuw kopen.

Een architect die een prachtig biobased plafond ontwerpt, maar de aannemer zucht: "Daar betaal ik 21% BTW overheen, terwijl ik voor dat nieuwe beton ook maar 9% hoef af te dragen." Het klinkt gek, maar het is de dagelijkse realiteit in de Nederlandse bouw.

De huidige BTW-regeling, die in 2019 is veranderd, zet een flinke rem op hergebruik. Het maakt circulair bouwen en urban mining vaak onnodig duur en ingewikkeld. En dat terwijl we allemaal weten dat het anders moet.

We moeten van de lineaire economie af, waarin we grondstoffen opmaken en weggooien, naar een circulair model. Dit artikel legt uit hoe die BTW-regeling precies in elkaar zit, waarom het een rem is op de verduurzaming van de bouw, en wat je als bouwer, architect of opdrachtgever kunt doen.

De basis: wat is het probleem eigenlijk?

Voordat we in de details duiken, even de basis. BTW staat voor Belasting over de Toegevoegde Waarde.

Het is een belasting die je betaalt over producten en diensten. In de bouw zijn er verschillende tarieven.

Tot 1 januari 2019 was het simpel: voor de bouw van een nieuwe woning of flat (nul-op-de-meter-woningen en sociale huurwoningen) gold een verlaagd tarief van 6% op de materialen en arbeid. Voor andere projecten, zoals kantoren of renovaties, was het 21%. Sinds 2019 is dat veranderd.

Het verlaagde tarief van 9% (het oude 6% is verhoogd) geldt nu alleen nog voor de arbeidskosten en materialen die een aannemer rechtstreeks inkoopt voor de bouw van een woning. Hier zit meteen de eerste kneep. Materialen die jij als opdrachtgever zelf inkoopt en vervolgens aan de aannemer levert (zogenaamde 'leveringen vanuit de opdrachtgever'), vallen nu onder het hoge 21% tarief. Dit was voorheen anders. Het gevolg?

Opdrachtgevers en aannemers worden gestimuleerd om materialen via de aannemer te laten lopen om het lagere tarief te pakken.

Dat klinkt als een administratieve truc, maar het heeft grote gevolgen voor hergebruik. Stel je voor: je wilt een oud schoolgebouw transformeren naar woningen.

Je vindt via een urban mining platform prachtige, authentieke stalen kozijnen van 45 euro per stuk. Als je die zelf inkoopt en aan de aannemer levert, betaal je 21% BTW. Koop je vergelijkbare, nieuwe kozijnen via de aannemer, dan betaal je over de totaalprijs maar 9% BTW.

Het financiële voordeel van hergebruik verdwijnt als sneeuw voor de zon. De rekensom is helder: een investering van €10.000 in hergebruikte materialen levert ineens €1.200 extra BTW-lasten op (21% in plaats van 9%).

Dat is een directe rem op circulaire ambities.

De rem op de circulaire economie: een verhaal van cijfers

Waarom is dit zo’n gemiste kans? Omdat de bouw verantwoordelijk is voor een enorme berg afval en grondstoffengebruik. In Nederland gaat zo'n 40% van alle grondstoffen naar de bouw.

Tegelijkertijd is de bouwsector een van de grootste producenten van afval. Inzicht in het verschil tussen hergebruik en recycling is daarom essentieel om echt circulair te bouwen.

Denk aan het hergebruiken van bakstenen, het opnieuw inzetten van betonpuin, of het demonteren en elders weer inbouwen van complete gevels. Materialen als hout, stro, leem en vlas (biobased materialen) winnen aan populariteit.

Ze zijn licht, isolerend en vaak makkelijker te recyclen. Een product als Pavatex Isorel, een houtvezelplaat, is een fantastisch duurzaam alternatief voor gipsplaten. Maar de BTW-regeling discrimineert deze slimme materialen.

Wanneer een aannemer deze platen inkoopt voor een nieuw te bouwen woning, betaalt hij 9% BTW over de materiaalkosten.

Wanneer jij als opdrachtgever deze platen zelf inkoopt (bijvoorbeeld via een circulaire bouwmarkt) en aan hem levert, betaal je 21% BTW. Het systeem zet aan tot kiezen voor het 'makkelijke' nieuwe materiaal via de aannemer, in plaats van een duurzame, circulaire keuze. Urban mining, het 'oogsten' van materialen uit bestaande gebouwen, wordt hierdoor extra bemoeilijkt. Een sloopbedrijf dat een pand sloopt om de materialen te verzamelen voor hergebruik, levert een dienst (slopen) en een product (tweedehands materialen).

De sloopdienst valt onder het normale tarief. De materialen die zij verkopen, vallen ook onder 21%. Als een aannemer deze materialen vervolgens wil gebruiken in een nieuw project, kan hij die 21% BTW vaak niet terugvorderen of verrekenen met de lage bouw-BTW, waardoor de rekening duurder uitpakt dan nieuw materiaal.

De regeling is niet alleen onhandig, hij is contraproductief. We belonen verspilling en straffen slim hergebruik.

De specifieke gevallen: waar knelt het?

Het knelpunt is het meest voelbaar bij transformatieprojecten. Dit zijn projecten waarin bestaande gebouwen (zoals kantoren, fabrieken of scholen) worden omgebouwd tot woningen.

Dit is een groeimarkt en een perfect terrein voor circulair bouwen. Door de principes van de R-ladder van circulariteit toe te passen, is de opdrachtgever vaak zelf verantwoordelijk voor de inkoop van specifieke materialen om de kwaliteit te waarborgen. Stel, je transformeert een oud pakhuis.

Je vindt op een website als Marktplaats of een speciaal platform voor bouwmaterialen een partij van 200 oude, eikenhouten deuren voor €75 per stuk.

Dit is een koopje. Als je deze deuren zelf inkoopt en ze aan de aannemer geeft voor de montage, betaal je over die €15.000 dus 21% BTW. Dat is €3.150 aan BTW. Had de aannemer deze deuren ingekocht (als hij ze kon vinden), dan was het tarief 9% geweest, oftewel €1.350.

Jij betaalt dus €1.800 meer. Hetzelfde geldt voor biobased materialen.

Neem een product als Gutex, een houtvezelisolatieplaat. Als je deze als opdrachtgever zelf inkoopt en levert, 21%. Als de aannemer ze inkoopt, 9%.

Dit kleine verschil in BTW-percentage kan de doorslag geven of een project economisch haalbaar is.

Het zorgt ervoor dat de circulaire bouwmaterialen die we juist willen stimuleren, in een ongunstige financiële positie worden gebracht ten opzichte van traditionele materialen als PUR-schuim of steenwol. Ook het concept van 'product-as-a-service' wordt geraakt. Denk aan een bedrijf dat niet dakpannen verkoopt, maar dakdekking als dienst levert, inclusief onderhoud en vervanging met duurzame materialen.

Hoe de BTW hierop wordt toegepast, hangt af van de contractvorm, maar vaak wordt dit gezien als een dienst met het hoge tarief, terwijl het een circulair model is dat materiaalgebruik reduceert. De regels zijn niet gemaakt voor deze nieuwe verdienmodellen.

Hoe nu verder? Praktische tips om de BTW-val te omzeilen

De regels zijn zoals ze zijn, tot er politieke verandering komt. Dus, hoe ga je als betrokken professional hiermee om?

Hier zijn een paar concrete tips om de financiële pijn te verlichten en toch voor circulair te kiezen. 1. Laat de aannemer inkopen, maar lever ondersteuning. Dit is de meest voor de hand liggende oplossing.

Zorg dat de aannemer de circulaire materialen inkoopt. Dit vereist goede voorbereiding. Ga samen met de aannemer en de architect op zoek naar leveranciers van tweedehands materialen of biobased producten, en onderzoek de financiering van circulaire bouwprojecten. Maak afspraken over de inkoop.

De aannemer kan de materialen inkopen tegen 9% BTW, en jij betaalt hem voor de gehele klus.

Het nadeel: je verliest wat controle en de aannemer moet de administratie doen. Zorg dus voor een goede selectie van een aannemer die hierin meedenkt.

2. De 'levering vanuit opdrachtgever' slim invullen. Soms is het onmogelijk of onwenselijk dat de aannemer inkoopt (bijv. bij een specifieke vondst). In dat geval kun je de materialen als 'levering vanuit opdrachtgever' aanmerken. Dit betekent dat de aannemer de materialen van jou 'betrekt' en verwerkt. Over deze levering betaal jij 21% BTW. De aannemer mag deze materialen in zijn eigen BTW-aangifte verwer

Portret van Thomas Hoekstra, Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Over Thomas Hoekstra

Thomas is bouwkundig ingenieur en adviseur circulaire economie in de bouwsector. Hij helpt aannemers, architecten en opdrachtgevers met de transitie naar circulair en biobased bouwen.