SCIA Engineer berekeningen met hergebruikt staal en hout

Portret van Thomas Hoekstra, Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Thomas Hoekstra
Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Ontwerp, Software & Digitalisering · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Je staat voor een bouwproject en je wilt echt iets goeds doen voor de planeet.

Je hebt een stapel oud staal en wat gebruikt hout op de kop getikt via een sloopbedrijf. Nu breekt het moment aan: hoe weet je of dit materiaal sterk genoeg is? Je kunt niet zomaar wat aannemen. Je wilt rekenen. Met SCIA Engineer pak je dit professioneel aan. Deze software helpt je om hergebruikt staal en hout veilig en efficiënt te verwerken in je constructie. We duiken erin.

Waarom rekenen met hergebruikt materiaal?

Herbestemmen van materialen is de kern van circulair bouwen. Je vermijdt nieuwe grondstoffen en bespaart enorm veel CO2.

Toch is er een drempel: hoe zit het met de sterkte? Een oude stalen ligger van een gesloopt kantoor is niet per se zwakker, maar je weet het pas zeker als je het meet en berekent.

Zonder berekening mag je hem niet zomaar in een nieuwe constructie leggen. De veiligheid staat voorop. SCIA Engineer is hierbij je beste vriend.

Het is een krachtig stukje software waarmee je virtuele modellen bouwt en test tot ze breken, zonder dat je in het echt ook maar één bout aandraait. Urban mining speelt hier een grote rol.

Je 'mijnt' materialen uit de bestaande stad. Denk aan stalen kolommen van een oude fabriek of houten balken uit een gerenoveerde boerderij. Het hergebruik hiervan is duurzaam en vaak goedkoper dan nieuw materiaal. Alleen moet je wel weten wat je in huis haalt.

De kwaliteit kan variëren. Daarom is een nauwkeurig berekeningsproces essentieel.

De basis: materiaaleigenschappen bepalen

Voordat je in SCIA begint, moet je weten wat je materiaal kan.

Bij staal gaat het om de treksterkte en de elasticiteitsmodulus. Bij hergebruikt staal is er vaak roest of oude verflagen. Je moet het staal schoonmaken en visueel inspecteren op scheuren.

SCIA werkt met materiaalprofielen. Je voert de exacte afmetingen in, bijvoorbeeld een I-profiel van 300x150x10x8 mm.

Als je de staalsterkte niet kent, laat je een monster testen bij een lab. Kosten?

Zo'n test kost ongeveer €150 tot €300 per monster. Bij hout wordt het interessanter. Hout is een biobased materiaal en heeft levende eigenschappen. Hergebruikt hout kan uitgedroogd zijn of wat harder zijn geworden.

In SCIA voer je de houtsoort in, bijvoorbeeld douglas of eiken. Je houdt rekening met nothout en kwasten.

“Gewicht en afmetingen zijn je startpunt. Zonder data bouw je op los zand.”

Voor hergebruikt hout voer je een correctiefactor in, vaak tussen de 0,8 en 0,9, afhankelijk van de zichtbare slijtage. Je meet de afmetingen op: lengte, breedte, dikte. Een foutje van 5 mm kan al verschil maken in de drukkracht.

Een handige tool voor hout is de houtvochtigheidsmeter. Hergebruikt hout heeft vaak een lage vochtigheid, rond de 12-15%.

Dat is gunstig voor de sterkte. In SCIA kun je aangeven of het constructiehout of niet-constructiehout is. Voor circulaire projecten kiezen we vaak voor FSC-gecertificeerd hergebruikt hout, wat volgens de gangbare circulaire meetlatten als ‘duurzaam’ gecategoriseerd kan worden voor de BREEAM-score.

De kern: werken in SCIA Engineer

SCIA Engineer begint met een 3D-model. Je tekent je constructie op schaal.

Voor hergebruikt staal maak je een apart materiaalprofiel aan. Je typt de naam in, bijvoorbeeld ‘Oud Staal S235’. Je voert de rekenwaarden in.

Als je geen testresultaten hebt, mag je volgens de norm (Eurocode) vaak uitgaan van een standaardsterkte, maar dat geeft een veiligheidsmarge.

Voor circulair bouwen is het slimmer om wél te meten. Je voert de doorsnede in en de sterkteklasse. Door slim parametrisch te ontwerpen voorkom je verspilling, zeker wanneer je voor hergebruikt hout een nieuw materiaal aanmaakt.

Kies voor ‘Hout’ en selecteer de soort. Bij de eigenschappen vul je de recurveerwaarde in.

Dit is de waarde die de sterkte bepaalt. Bij oud hout mag je deze wat lager inschatten.

SCIA berekent automatisch de doorsnedecontrole. Je ziet direct of de balk buigt of bezwijkt onder druk. De software toont rode vlakken bij overschrijdingen, wat meteen duidelijk is. Je bouwt het model op met de daadwerkelijke materialen.

Gebruik je een stalen ligger van 4 meter? Zet die er exact in.

Voor houten balken voer je de overspanning in. SCIA berekent de doorbuiging. Een veilige doorbuiging voor vloeren is L/360.

Voor hergebruikt hout mag je soms L/250 accepteren als het om een tijdelijke constructie gaat, maar voor permanente bouw hou je je aan de norm. De belastingen zijn cruciaal.

Je vult in wat erop komt te staan. Eigen gewicht (het materiaal zelf), gebruiksbelasting (meubels, mensen), en sneeuwlast. SCIA berekent de combinaties.

Je ziet welke krachten er lopen in je oude staal en hout.

Dit is het moment dat je ziet of je materiaal het houdt. Is de spanning te hoog? Dan pas je de constructie aan.

Modellen, varianten en kosten

Er zijn verschillende manieren om je project aan te pakken in SCIA. Je kunt kiezen voor een eenvoudig 2D-model of een uitgebreid 3D-model. Voor een simpele kap van hergebruikt hout volstaat 2D.

Voor een complex gebouw met stalen spanten en houten vloeren is 3D onmisbaar.

  • Model A: Eenvoudig houten frame. Gebruik hergebruikte Douglas balken (200x50 mm). Kosten software: €0 (student) of €1.200 (pro). Materiaalkosten: €5 per meter (via sloophout handel).
  • Model B: Stalen spant met houten vulling. Oude stalen I-profielen (HEA 200) en houten regels. SCIA berekent de knopen. Extra kosten: lassen testen (€200).
  • Model C: Combinatie urban mining. Mix van oud betonstaal en houten liggers. SCIA rekent de interactie. Kosten: licentie + eventuele extra module voor beton (€500 extra).

SCIA heeft een gratis versie, de ‘SCIA Engineer Student’, maar die beperkt het aantal elementen. Voor professioneel werk heb je de volledige licentie nodig.

De jaarlicentie kost ongeveer €1.200 tot €2.500, afhankelijk van de modules. Voor hergebruikt staal zijn de prijzen sterk afhankelijk van de markt. Een oude HEA 200 via een sloopbedrijf kost vaak €20 tot €40 per stuk (exclusief bewerking).

Bij nieuw staal ben je al snel €80 tot €120 kwijt. Hout is vergelijkbaar: nieuw gezaagd douglas kost €15 per meter, hergebruikt vaak de helft.

SCIA helpt je om de exacte hoeveelheid te berekenen, zodat je geen materiaal verspilt. Je ziet direct hoeveel stukken je nodig hebt en op welke lengte je kunt zagen. Er zijn varianten in software. SCIA Engineer is de standaard voor staal.

Voor puur hout kun je ook software zoals Tekla Structures of Revit gebruiken, maar SCIA is sterker in de rekenkracht voor complexe staal-hout combinaties. Voor circulaire projecten is de integratie van materiaalpaspoorten belangrijk. Bovendien kun je projectmanagement tools bij circulair bouwen inzetten voor een strakke regie, terwijl SCIA met IFC-import data van hergebruikte materialen verwerkt.

Praktische tips voor je berekening

Begin altijd met meten. Ga niet uit van schattingen.

Meet het hergebruikte staal op minimaal drie punten. Bij hout controleer je op houtrot. Gebruik een vochtmeter.

Als het vochtgehalte boven de 18% zit, droog het materiaal eerst. In SCIA voer je de gemiddelde afmetingen in, maar houd rekening met afwijkingen. Voeg een veiligheidsfactor toe van 1,2 voor hergebruikt materiaal.

Test je materiaal. Als je een oude stalen ligger vindt, laat deze testen op treksterkte.

Lokale labs doen dit voor €150. Voor hout kun je een drukproef doen. Dit geeft je de exacte recurveerwaarde. In SCIA voer je deze waarden in en vergelijk je met de standaardwaarden. Zo voorkom je dat je te conservatief of te optimistisch bent.

Gebruik de juiste normen. In Nederland en België volg je Eurocode. Voor hergebruik is er extra aandacht voor de toestandsafmetingen. SCIA heeft ingebouwde normen voor staal (N

Portret van Thomas Hoekstra, Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Over Thomas Hoekstra

Thomas is bouwkundig ingenieur en adviseur circulaire economie in de bouwsector. Hij helpt aannemers, architecten en opdrachtgevers met de transitie naar circulair en biobased bouwen.