MilieuPrestatie Gebouwen (MPG) uitgelegd: de rekenmethodiek in begrijpelijke taal

Portret van Thomas Hoekstra, Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Thomas Hoekstra
Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Concepten, Wetgeving & Subsidies · 2026-02-15 · 5 min leestijd

Een getal dat je bouwproject maakt of breekt. Dat is de MPG-waarde, de MilieuPrestatie Gebouwen.

Het voelt als een bureaucratische drempel, maar het is eigenlijk een scorekaart voor de planeet. Hoe lager je score, hoe beter je bent voor het milieu. En in de wereld van circulair bouwen en biobased materialen is dit het spel dat je moet spelen.

Wat is die MPG nou eigenlijk?

Stel je voor dat je een gebouw bouwt. Je gebruikt materialen. Veel materialen. De MPG meet de milieu-impact van al die materialen bij elkaar.

Van de fundering tot het dak. Het is een getal dat zegt: "Hoe duurzaam is deze hoop bakstenen en balken?" De eenheid is kilo's CO2-equivalent per vierkante meter (kg CO2-eq/m²). De overheid eist sinds 2023 een maximum van 1,0 kg CO2-eq/m² voor nieuwe utiliteitsgebouwen.

Voor woningen ligt die lat op 0,8 kg CO2-eq/m². Elk beetje dat je daaronder duikt, is winst.

Het gaat hier om de gebruiksfase. Niet de bouw zelf, niet het energieverbruik later, maar de impact van de materialen. Denk aan de uitstoot bij de productie van staal, het winnen van zand, of de landbouw voor hout. Hoe schoner het productieproces, hoe lager je MPG.

Waarom dit getal je leven makkelijker maakt

Zonder MPG zou je blind bouwen. Je pakt wat goedkoop is en wat voorhanden is.

Nu moet je nadenken. Je moet kiezen voor materialen die langer meegaan, of materialen die je later weer kunt gebruiken.

Dat is precies wat circulair bouwen is. De MPG forceert je om na te denken over de embodied carbon. Dat is de verbogen CO2-kosten in je materiaal. Een blok beton is cheap, maar zijn MPG is gruwelijk hoog.

Een wand van oude bielzen of hennepvezel? Die scoort vaak dramatisch laag.

Het is een stok achter de deur. Zonder die MPG-waarde zouden we nog stevenen op een toekomst vol betonnen dozen. Nu zoeken we naar oplossingen.

We kijken naar Hergebruik van materialen. We zoeken naar Biobased alternatieven. De MPG is de motor achter de groene bouwrevolutie.

De rekenmachine erachter: hoe werkt het?

Het is ingewikkeld, maar de basis is simpel. De rekentool (meestal een programma als MPG-online of TABU) telt alle materialen.

Elk schroefje, elke plaat, elke baksteen. Je voert in hoeveel kilo of m³ je gebruikt.

Voor elk materiaal haalt de tool data uit de Nationale Milieudatabase (NMD). Die database vormt de basis voor de berekening van de milieuprestatie van duizenden materialen. Standaardwaardes. Als je een standaard baksteen koopt, weet de tool al hoe vervuilend die is. Maar jij bouwt circulair.

Je gebruikt materialen uit Urban Mining. Een oude stalen draagbalk uit een gesloopt kantoor.

Die zit niet in de standaard database. Hier begint het speurwerk. Je moet de herkomst weten.

Je moet bewijzen dat het staal echt tweedehands is. Alleen dan mag je de impact verlagen.

De tool telt alles bij elkaar op. De uitstoot van het beton.

De uitstoot van de isolatie. De uitstoot van de vloer. Deel dat door de oppervlakte van het gebouw.

De valkuil: de hergebruik-bonus

Wat overblijft is je MPG-score. Is die 0,7? Goed gedaan. Is die 1,2? Terug naar de tekentafel.

Hier gaat het vaak mis door fouten bij de milieuberekening. Je denkt: "Ik gebruik oude planken, dus mijn MPG is laag." Fout.

De tool rekent met toekomstige impact. Als je een materiaal nu hergebruikt, maar over 50 jaar moet vervangen, telt dat mee.

Tenzij je kunt aantonen dat het materiaal een levensduur heeft van minimaal 40 jaar. Biobased materialen, zoals hout of vlas, hebben een voordeel. Ze slaan CO2 op. Ze groeien immers. In de rekenmethodiek mag je dat vaak aftrekken.

Een wand van Cross Laminated Timber (CLT) kan een negatieve MPG-score hebben.

Dat voelt als valsspelen, maar het is wetenschap.

Prijzen en tools: wat kost het?

De software zelf is vaak gratis of goedkoop via je architect. De echte kosten zitten in de data.

Je materiaalleverancier moet je een Environmental Product Declaration (EPD) geven. Zonder EPD mag je vaak de standaardwaarde gebruiken, en die is vaak slechter dan de werkelijkheid.

  • Standaard bouw (beton, staal, gips): MPG vaak rond 1,2 - 1,5. Te hoog. Je betaalt boetes of moet compenseren.
  • Circulair bouwen (hergebruik staal, houtvezel isolatie): MPG rond 0,6 - 0,8. Dit kost moeite. Je moet sloopbedrijven bellen (Urban Mining). Je betaalt misschien meer voor specifieke biobased producten zoals Ecose isolatie (geen formaldehyde).

Laten we kijken naar een typisch project. Een tiny house van 50m². De investering? Een EPD kost een leverancier zo'n €1.500 - €3.000. Als bouwer eis je die.

Doe je dat niet, betaal je uiteindelijk meer via een hogere milieubelasting.

Ontdek hier hoe je de MPG-score van jouw nieuwbouwproject effectief verlaagt.

Jouw actieplan: zo haal je die lage MPG

Je wilt beginnen. Je wilt die 0,8 halen. Waar begin je? Niet met de fundering, maar met de materialenlijst.

Vraag je af: welk materiaal verdwijnt na 40 jaar in de container, en welk materiaal kan terug de markt op?

  1. Dubbelcheck de database. Gebruik je materiaal al een plek in de NMD? Zo niet, vraag om een EPD of zoek een vergelijkbaar product dat er wel in zit.
  2. Zoek de biobased opties. Kies voor houtwolisolatie in plaats van steenwol. Kies voor leemstuc in plaats van gips. Dit haalt je score enorm omlaag.
  3. Denk vooruit. Bouw demontabel. Gebruik schroeven in plaats van lijm. Als je over 40 jaar het pand wilt slopen om het materiaal te hergebruiken, moet dat kunnen.
  4. Urban Mining opzoeken. Bezoek sloopbedrijven voordat je naar de bouwmarkt gaat. Vraag naar stalen profielen, bakstenen of kozijnen. Soms zijn die gratis, soms kosten ze €50 per stuk. Je bespaart op productie-uitstoot.
"De laagste MPG haal je niet met dure gadgets, maar met materialen die al bestaan."

De MPG is geen straf. Het is een gids.

Het dwingt je om creatief te zijn. Om materialen te vinden die de planeet niet uitputten. En als je het slim aanpakt, bouw je niet alleen goedkoper (geen dure nieuwe materialen), maar bouw je ook nog iets waar je trots op kunt zijn.

Portret van Thomas Hoekstra, Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Over Thomas Hoekstra

Thomas is bouwkundig ingenieur en adviseur circulaire economie in de bouwsector. Hij helpt aannemers, architecten en opdrachtgevers met de transitie naar circulair en biobased bouwen.