Milieuclassificatie van bouwmaterialen in de NMD: categorie 1, 2 en 3

Portret van Thomas Hoekstra, Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Thomas Hoekstra
Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Normen, Certificeringen & Keurmerken · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Stel je voor: je staat op het punt om te verbouwen. Je wilt iets goeds doen voor het milieu, kiest voor biobased materialen en hergebruikte bakstenen.

Maar dan komt die berg papieren op je af. Certificaten, meetlat-methodes, en de NMD-database.

Het voelt alsof je een cursus chemie moet volgen voordat je überhaupt een muur mag optrekken. Begrijpelijk. Het is ingewikkeld. Toch is het de sleutel tot écht duurzaam bouwen. De NMD (Nationaal Milieudatabase) is namelijk de plek waar materialen hun milieu-bewijs moeten leveren. En net als bij een dieet, zijn er verschillende categoriën.

De een is strenger dan de ander. Laten we dit stukje bureaucratie ont-mystificeren en helder maken wat die categorieën 1, 2 en 3 nu echt betekenen voor jouw project.

De NMD: Waarom we dit überhaupt doen

De NMD is eigenlijk een gigantische, digitale bibliotheek van bouwmaterialen. Elk materiaal dat je in de bouw gebruikt, heeft een impact.

Het kost energie om te maken, water om te verbouwen en ruimte om te verwerken. Om te voorkomen dat iedereen zomaar "duurzaam" roept zonder bewijs, heeft de overheid de NMD in het leven geroepen. Het is de centrale database die de milieuprestatie van gebouwen berekent.

Wanneer je een BENG- of GPR-certificaat wilt behalen, moet je materialen gebruiken die in deze database staan.

Zonder NMD-waarden kun je geen energieprestatiecertificaat krijgen. Simpel gezegd: het is de officiële scorekaart voor hoe groen je bouwwerk echt is. Het doel is helder: transparantie. Je wilt niet dat een fabrikant zegt dat zijn product groen is, terwijl de productie juist heel vervuilend is.

De NMD zorgt voor een gelijk speelveld. Vooral voor circulaire ambities is dit crucial.

Materialen die je hergebruikt (urban mining) of biobased materialen (zoals hennep of vlas) scoren vaak beter, maar dat moet wel aangetoond worden. De database helpt je de juiste keuzes te maken en te sturen op CO2-uitstoot en grondstofgebruik.

De drie magische cijfers: Categorie 1, 2 en 3

Om orde te scheppen in de chaos van materialen, gebruikt het NMD een systeem van drie categoriën.

Dit is niet zomaar een indeling; het zegt iets over de betrouwbaarheid en de herkomst van de data. De categorie bepaalt of je het materiaal zomaar mag gebruiken of dat je eerst aanvullend onderzoek moet doen. Dit is de kern van het systeem.

Categorie 1: De gouden standaard.
Dit zijn de materialen met de hoogste betrouwbaarheid. De milieu-data is gebaseerd op een gevalideerde Milieu Product Verklaring (MPV), oftewel een volwaardige Environmental Product Declaration (EPD).

Deze documenten zijn gecontroleerd door een onafhankelijke derde partij. Ze zijn extreem gedetailleerd en voldoen aan de strengste internationale normen (ISO 14025 en EN 15804).

Voorbeelden zijn specifieke biobased isolatieplaten van merken als Gutex of Pavatex, of hoogwaardig gerecyclede aluminium kozijnprofielen. Als je materiaal in categorie 1 valt, hoef je verder niets te doen. Het is 'goed gekeurd' en past direct binnen de juiste certificering voor jouw project. Categorie 2: De waarschijnlijke winnaar.
Hier zitten materialen die nog geen volwaardige EPD hebben, maar wel al een stukje zijn gevalideerd. Dit zijn vaak gecertificeerde milieudata die gebaseerd zijn op sectorgemiddelden of specifieke productieprocessen die zijn goedgekeurd door de fabrikant.

Denk aan bepaalde soorten biobased gipsvezelplaten of specifieke soorten hergebruikte keramiek. De data is betrouwbaar genoeg om te gebruiken, maar is minder gedetailleerd dan categorie 1.

Het is de veiligste optie als je geen volledige EPD kunt vinden, maar wel wilt bouwen met bewuste materialen. Categorie 3: De rode vlag.
Dit is de categorie waar je voor moet oppassen. De data is gebaseerd op schattingen of generieke data uit de markt. Het is vaak minder specifiek en soms zelfs verouderd.

Materialen die hier vallen, zijn vaak standaardmaterialen die nog niet specifiek zijn onderzocht op hun unieke eigenschappen.

Hoewel je ze soms mag gebruiken (met beperkingen), zullen ze je totaalscore (de MPG-score) vaak minder goed maken. Kies je voor categorie 3, dan zul je moeten compenseren met super-groene materialen in andere delen van het gebouw om je BENG-eisen te halen.

Hoe het werkt in de praktijk: De MPG-Score

Deze categoriën zijn niet zomaar een label; ze bepalen je MPG (Milieu Prestatie Gebouw) score.

De MPG wordt uitgedrukt in een getal (€/m² per jaar). Hoe lager het getal, hoe beter.

De overheid eist dat nieuwbouwwoningen een bepaalde lage MPG-score halen. Hier komen de categoriën om de hoek kijken. Materialen uit Categorie 1 dragen vaak een lager getal (een betere score) bij omdat de data zo accuraat is en de impact vaak lager is. Materialen uit Categorie 3 kunnen je score juist omhoog jagen, waardoor je de norm mist.

Laten we het concreet maken met voorbeelden uit de niche. Stel, je wilt een wand vullen met circulair materiaal.

Je kiest voor panelen gemaakt van hergebruikt denim (katoenvezels). Als die panelen een volwaardige EPD hebben en gevalideerd zijn, staan ze in NMD als Categorie 1. Je vult de waarde in, en je berekening klopt.

Kies je voor een standaard steenwol isolatie die nog niet specifiek is onderzocht, kan deze in Categorie 3 vallen. Dan moet je compenseren met extra isolatie of duurzamere vloeren.

De keuze voor Categorie 1 is dus vaak een investering die je later in de berekening terugziet.

Er is overigens een uitzondering voor materialen die je lokaal wint via Urban Mining. Als je materialen hergebruikt uit de directe sloopomgeving haalt, en je kunt de herkomst aantonen, mag je soms specifieke rekenregels toepassen. Dit is vaak te traceren via de NMD-voorziening voor hergebruikte materialen. Dit maakt het ingewikkeld, maar biedt kansen voor projecten die écht circulair willen zijn.

Prijzen en de moeite van het investeren

Hoeveel kost het om je materiaal in de NMD te krijgen? Naast de kosten is het goed om te weten hoe de NMD bijdraagt aan certificering; een volwaardige EPD (Categorie 1) aanvragen is namelijk prijzig.

Reken op een bedrag tussen de €1.500 en €4.000 per product, afhankelijk van de complexiteit en de laboratoriumtesten die nodig zijn. Dit is vaak een investering die grote fabrikanten doen. Als particulier of kleine aannemer koop je deze producten 'klaar'.

De meerprijs voor een Categorie 1 product ten opzichte van een standaardproduct hangt sterk af van het materiaal.

Biobased materialen zoals houtvezelbeton of rietpanelen zijn vaak iets duurder in aanschaf (10-20% meerprijs), maar verdienen zich terug in energiebesparing en de mogelijkheid om je MPG te halen. Er is een goedkoper alternatief: producten die al in de database zitten. Veel grote leveranciers van plaatmateriaal, isolatie en vloersystemen hebben hun producten al geregistreerd.

De kosten hiervoor zijn verwerkt in de inkoopprijs. Het slimme speurwerk zit 'm in het vinden van deze producten.

Zoek je specifiek naar biobased materialen zoals CLT of biocomposiet? Vergeet dan niet een Agrément certificaat aan te vragen en check altijd of de leverancier al een Categorie 1 of 2 status heeft in de NMD-database.

Dit bespaart je een hoop rekenwerk achteraf.

Praktische tips voor jouw project

Het is makkelijker dan het lijkt als je de juiste stappen volgt. Geen paniek, gewoon logisch nadenken.

  1. Begin met de database. Voordat je materialen bestelt, open de NMD-database (via de website van het NMD). Zoek op materiaaltype. Zie je een product met een groen vinkje of 'Categorie 1'? Dat is je kandidaat.
  2. Vraag de leverancier. Twijfel je? Stuur een e-mail naar de fabrikant. De simpele vraag: "Heeft dit product een EPD en staat het in het NMD als Categorie 1 of 2?" Als ze nee zeggen of niet weten wat je bedoelt, wees dan alert.
  3. Focus op de grote winnaars. De grootste impact op je MPG-score hebben de constructie, de gevel en de vloer.
Portret van Thomas Hoekstra, Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Over Thomas Hoekstra

Thomas is bouwkundig ingenieur en adviseur circulaire economie in de bouwsector. Hij helpt aannemers, architecten en opdrachtgevers met de transitie naar circulair en biobased bouwen.