Green Deals circulair bouwen: afspraken tussen overheid en bedrijfsleven

Portret van Thomas Hoekstra, Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Thomas Hoekstra
Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Circulaire Economie & Business Modellen · 2026-02-15 · 5 min leestijd

Stel je voor: je bouwt een huis en je wilt niet alleen goed materiaal gebruiken, maar ook nog iets goeds doen voor de planeet.

Dat klinkt ingewikkeld, maar het is precies waar Green Deals circulair bouwen over gaan. Het is een soort afspraak tussen de overheid en bedrijven. Ze zeggen tegen elkaar: "We gaan dit samen anders doen." Geen lange vergaderingen zonder actie, maar concrete plannen om gebouwen te bouwen zonder afval.

Je hergebruikt materialen, gebruikt biobased producten en haalt grondstoffen uit de stad. Dit is de toekomst, en die begint vandaag.

Wat zijn Green Deals circulair bouwen eigenlijk?

Een Green Deal is een belofte. De overheid en bedrijven sluiten een deal om duurzame doelen te halen.

Bij circulair bouwen draait het om een specifieke afspraak: we stoppen met lineair bouwen (maken, gebruiken, weggooien) en stappen over op een cirkel.

Materialen blijven zo lang mogelijk in gebruik. Denk aan hout dat eerder in een ander gebouw zat, of bakstenen die worden hergebruikt. De kern van de afspraak is samenwerking.

De overheid zorgt voor regels en subsidies, bedrijven leveren de innovatie. Een voorbeeld is de Green Deal "Circulair Bouwen 2020-2023".

Hierin spraken 70 partijen af om 50% minder primair grondstofgebruik te realiseren in 2030. Dat betekent dat je de helft van wat je nu nieuw koopt, straks haalt uit bestaande voorraden. Waarom is dit belangrijk? Omdat de bouwsector verantwoordelijk is voor 40% van het totale grondstofgebruik in Nederland.

Als we niets veranderen, raken de aarde en onze portemonnee leeg. Circulair bouwen bespaart niet alleen materiaal, maar ook geld op de lange termijn.

De kern: hoe werkt het in de praktijk?

Stel, je begint een project. Je kiest voor biobased materialen zoals houtwol isolatie van merken als Gutex of Pavatex.

Deze platen kosten ongeveer €40 tot €60 per vierkante meter. Ze zijn gemaakt van resthout en zijn volledig composteerbaar. Je vermijdt chemische lijm en bespaart CO2.

Dit is de basis van een Green Deal: kiezen voor materialen die de cirkel sluiten.

Een andere pijler is urban mining. Dit betekent dat je de stad als mijn gebruikt. Je demonteert een oud kantoorpand en haalt er stalen balken, betonplaten en bakstenen uit. Die materialen test je, bewerk je en bouw je weer in.

Een bedrijf als New Horizon Urban Mining doet dit al. Ze vragen ongeveer €50 per vierkante meter voor hergebruikte bakstenen, terwijl nieuwe stenen €70 kosten.

Je wint dus op kosten en duurzaamheid. Om dit te laten werken conform de circulaire routekaart voor de bouwsector, moet je slim plannen. Gebruik een materiaalpaspoort; dit is een digitaal dossier van elk onderdeel in je gebouw.

Je ziet waar het vandaan komt, wat het kost en hoe je het later weer kunt demonteren.

Dit is een vereiste in veel Green Deals. Zonder paspoort is hergebruik op grote schaal bijna onmogelijk.

Varianten en modellen: wat past bij jou?

Er zijn verschillende manieren om een Green Deal uit te voeren. Een populair model is "Product-Service Systems" (PSS).

Je koopt niet meer een product, maar een dienst. Stel, je huurt vloeren van Forbo Flooring. Zij blijven eigenaar en nemen de vloer na 10 jaar terug voor recycling. Je betaalt maandelijks €5 per m², in plaats van direct €50 per m² te kopen.

Dit werkt goed voor projecten met een budget vanaf €100.000. Een ander model is de "Circulair Aanbesteding", waarbij ketenpartners intensief samenwerken aan duurzame oplossingen.

Hierbij vraagt de overheid bij een bouwproject niet alleen naar de laagste prijs, maar ook naar circulariteit.

Een voorbeeld is het project "De Ceuvel" in Amsterdam. Daar betaalden ze 15% meer voor biobased materialen, maar bespaarden ze 30% op energie en onderhoud. De totale projectkosten waren €1,2 miljoen, met een besparing van €200.000 op de lange termijn.

Prijzen variëren, maar een gemiddeld circulair huis kost nu 5-10% meer dan een traditioneel huis. Een rijtjeshuis van 100 m² kost normaal €250.000, circulair bouwen komt uit op €265.000.

De investering verdien je terug door lagere energiekosten en materiaalbesparing. Bovendien geven gemeenten vaak subsidies, tot wel €10.000 per project, voor circulaire initiatieven.

Praktische tips om te starten

Begin klein. Kies voor één component van je bouwproject en leer circulair denken bij de uitvoering.

Kies bijvoorbeeld voor de gevel. Gebruik houten rabatdelen van Restyle, een merk dat oude planken omtovert tot nieuwe gevelbekleding.

Kosten: €35 per m², inclusief behandeling. Dit is een lage instap en je leert snel hoe het werkt. Zoek partners die al meedoen. Bedrijven als Madaster of StoneCycling hebben ervaring met materiaalpassen en hergebruik.

Ze helpen je bij het opzetten van een plan. Neem contact op met je gemeente; veel steden hebben een Green Deal-coördinator die je gratis advies geeft.

Vraag naar subsidies voor urban mining, die kunnen oplopen tot €5.000 per project. Meet je voortgang. Gebruik een tool zoals de MPG-meter (Milieu Prestatie Gebouwen) om je CO2-voetafdruk te checken. Een circulair gebouw moet onder de 1,0 kg CO2 per m² zitten.

Als je boven de 1,5 zit, weet je dat je nog materialen moet aanpassen. Dit houdt je scherp en zorgt dat je echt impact maakt.

De toekomst van bouwen is geen afval, maar een rijke voorraad materialen die we steeds opnieuw gebruiken.

Sluit je aan bij een netwerk. Organisaties zoals Platform CB'23 organiseren bijeenkomsten waar je andere bouwers ontmoet.

Hier deel je ervaringen en vind je nieuwe leveranciers. Het is gratis en het geeft je direct toegang tot kennis over biobased materialen en hergebruik. Investeer in kennis.

Volg een cursus circulair bouwen, bijvoorbeeld van het Centre for Sustainability of the TU Delft. Kosten: €500 voor een driedaagse training.

Dit betaalt zich terug doordat je betere keuzes maakt en fouten voorkomt.

Je leert hoe je materialen selecteert die 50 jaar meegaan, in plaats van 20. Denk aan de toekomst.

Bij elke beslissing vraag je af: kan dit materiaal over 20 jaar weer worden gebruikt? Als het antwoord ja is, zit je goed. Zo bouw je niet alleen een huis, maar een erfenis voor de volgende generatie.

Portret van Thomas Hoekstra, Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Over Thomas Hoekstra

Thomas is bouwkundig ingenieur en adviseur circulaire economie in de bouwsector. Hij helpt aannemers, architecten en opdrachtgevers met de transitie naar circulair en biobased bouwen.