DGBC (Dutch Green Building Council) en hun rol bij certificeringen

Portret van Thomas Hoekstra, Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Thomas Hoekstra
Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Normen, Certificeringen & Keurmerken · 2026-02-15 · 6 min leestijd

Je staat op een bouwplaats. Overal ligt materiaal dat je eigenlijk niet wilt weggooien.

Restanten van oude gevels, gebruikte houten balken, misschien wel een stapel oude bakstenen.

Tegelijkertijd wil je een gebouw neerzetten dat écht duurzaam is. Niet alleen energiezuinig, maar ook gemaakt van materialen die de wereld niet uitputten. Dan kom je al snel uit bij termen als circulair bouwen, biobased materialen en urban mining.

Je wilt iets goeds doen, maar hoe bewijs je dat? Hoe zorg je dat je investeerder of opdrachtgever gelooft wat jij beweert? Hier komt de Dutch Green Building Council, oftewel DGBC, om de hoek kijken. Zij zijn de partij die al die goede bedoelingen vertaalt naar een officieel certificaat. Ze zijn de onafhankelijke jury die zegt: "Ja, dit klopt echt." In deze gids leg ik je precies uit wat DGBC doet, waarom ze onmisbaar zijn en hoe jij ermee aan de slag kunt.

Wat is DGBC eigenlijk?

Stel je voor dat je een biologische appel koopt. Je wilt zeker weten dat die appel én biologisch is én eerlijk geteeld.

Daarom zit er een keurmerk op, van een onafhankelijke instantie. DGBC doet eigenlijk hetzelfde, maar dan voor gebouwen. DGBC is een onafhankelijke stichting.

Ze zijn er niet om geld te verdienen, maar om de Nederlandse bouwsector te verduurzamen.

Hun missie is helder: een gezonde, veilige en groene leefomgeving voor iedereen. Dat doen ze niet door zelf te bouwen, maar door de lat omhoog te leggen voor iedereen die wel bouwt. Het mooie van DGBC is dat ze niet één enkel keurmerk hebben.

Ze beheren een hele familie van certificaten. De bekendste is waarschijnlijk BREEAM-NL, het internationale meetsysteem voor de duurzaamheid van gebouwen.

Maar ze hebben ook het GPR Gebouw, speciaal voor de Nederlandse markt, en het WELL Building Standard, die focust op de gezondheid van de mensen binnenin.

En steeds vaker zie je dat ze certificaten ontwikkelen die specifiek gericht zijn op wat jij belangrijk vindt: materialen en circulariteit. Denk aan het 'Circulair Bouwen' certificaat of de 'Materialenpaspoort' die ze stimuleren. Ze zorgen voor een taal die iedereen spreekt. Als jij zegt "mijn gebouw is BREEAM-NL Excellent", dan weet een investeerder direct wat je bedoelt.

Je hebt het over een score van minimaal 70% op een schaal van 100%, gebaseerd op bewezen prestaties op het gebied van energie, water, materialen, afval, gezondheid en nog veel meer. Het is een objectieve meetlat in een wereld vol wollige termen.

Waarom is dat keurmerk zo belangrijk?

Zonder een keurmerk is duurzaam bouwen een slap verhaal. Iedereen kan wel roepen dat zijn gebouw 'groen' is.

Je kunt zeggen dat je materialen hergebruikt, of dat je hout gebruikt uit een FSC-bos. Maar hoeveel? Welke kwaliteit? Hoe meet je dat? DGBC geeft je de gereedschappen om het te meten.

Ze zorgen voor gelijke kansen. Het voorkomt dat je met een groen verhaal de markt opgaat, terwijl je concurrent met een nóg beter verhaal en een certificaat er met de klant vandoor gaat.

Het is een bewijslast. Er is ook een harde economische reden. Banken en investeerders hebben steeds vaker eisen. Ze financieren geen projecten meer die niet aan bepaalde duurzaamheidscriteria voldoen.

Een BREEAM-NL, GPR of DGNB-certificaat is voor hen een teken dat je risico's beheerst. Het toont aan dat je nadenkt over de toekomstwaarde van het gebouw.

Een gebouw dat nu al voldoet aan de strengste normen, is straks meer waard en heeft lagere exploitatiekosten. Je betaalt minder voor energie en water, en je hebt minder last van asbest- of sloopproblemen later. Denk aan urban mining.

Je wilt oude materialen uit de stad halen en hergebruiken. Hoe bewijs je dat dit materiaal van goede kwaliteit is?

DGBC helpt bij het opzetten van de juiste kwaliteitsborging. Ze zorgen dat je kunt aantonen dat het hout dat je uit een oud kantoor haalt, geschikt is voor een nieuw dak. Zonder dat certificaat is het voor een aannemer vaak 'geen doen'. Te veel risico. Met het certificaat wordt het een standaard werkwijze.

Hoe werkt het in de praktijk?

Het proces begint niet bij DGBC, maar bij jou. Jij maakt een plan.

Je kiest voor bepaalde materialen, je ontwerpt een energiezuinig concept, je bedenkt hoe je met afval omgaat.

Vervolgens ga je aan de slag met een speciaal softwareprogramma, meestal Green Calculator voor BREEAM. Daar voer je al je keuzes en gegevens in. Je geeft aan: "Ik gebruik 500 vierkante meter houten gevelbekleding van het merk Thermowood, afkomstig van een sloopproject in Amsterdam."

In die software berekent het systeem je score. Je ziet direct hoeveel punten je krijgt voor materiaalgebruik.

Misschien krijg je extra punten omdat je kiest voor biobased materialen zoals hout of vlas, in plaats van beton. Of omdat je aantoont dat je het materiaal na de sloop weer kunt demonteren en hergebruiken. Dit heet de 'Levenscyclusanalyse' (LCA). Je berekent de milieu-impact van je materiaalkeuzes over de hele levensduur.

DGBC eist een specifieke methode, de MPG (Milieu Prestatie Gebouwen), die je moet halen.

Zodra je ontwerp- of realisatiefase is afgerond, komt er een auditor langs. Dit is een onafhankelijke deskundige, gecertificeerd door DGBC. Hij of zij controleert of wat jij in de software hebt ingevuld ook echt klopt.

Hij loopt over de bouwplaats, checkt de facturen van de leveranciers, kijkt naar de sloopplannen. Alles moet kloppen. Pas als de auditor akkoord geeft, mag je het certificaat aanvragen bij DGBC.

Zij doen de laatste administratieve controle en sturen het certificaat op. Het is dus een combinatie van eigen ontwerpwerk, rekenwerk, een onafhankelijke controle en een stukje administratie. Het is geen eenmalige actie, maar een doorlopende focus.

Je moet het vanaf het eerste schetsje meenemen in je ontwerp. Achteraf probeer je het te regelen, dat werkt bijna nooit.

Soorten certificaten en kosten

Er is niet één prijskaartje. De kosten hangen af van het type certificaat, de grootte van het project en hoe complex het is.

We splitsen het even op. De meest gangbare route is via BREEAM-NL. De kosten hiervoor bestaan uit drie delen: de softwarelicentie (Green Calculator), de kosten voor de auditor en de leges voor DGBC zelf.

Voor een gemiddelde woningbouw of kleiner utiliteitsgebouw (bijvoorbeeld 100 tot 500 vierkante meter) moet je rekenen op een bedrag tussen de €4.000 en €7.000 voor het behalen van het certificaat 'BREEAM-NL In-Use' (bestaande gebouwen) of 'BREEAM-NL Nieuwbouw & Renovatie'.

Voor een heel groot kantoorpand van 10.000 m² of meer, kunnen de kosten makkelijk oplopen naar €15.000 tot €25.000 of meer. De auditor rekent vaak een dagtarief van €1.000 à €1.500, afhankelijk van zijn expertise. Een ander certificaat is het GPR Gebouw. Dit is vaak iets goedkoper en meer gericht op de Nederlandse wet- en regelgeving.

De software is open source, dus die licentiekosten zijn er niet. Je betaalt vooral de auditor.

De totale kosten liggen vaak een stuk lager, rond de €2.000 tot €4.000 voor een gemiddeld project. Dit certificaat is, net als de GreenCalc certificering als duurzaamheidslabel, heel geschikt voor gemeentelijke projecten of woningcorporaties die vooral willen voldoen aan de eisen uit het bouwbesluit en hun eigen duurzaamheidsambities. Voor specifieke thema's zoals 'Circulair Bouwen' is de markt nog in ontwikkeling.

DGBC heeft een pilot-certificaat voor Circulair Bouwen. Hier zijn nog geen vaste tarieven voor, omdat het maatwerk is, net als bij de Carbon Trust certificering voor koolstofarme bouwmaterialen.

De kosten hangen vooral af van de hoeveelheid werk voor de auditor om al je hergebruikte materialen te controleren. Verwacht een bedrag vergelijkbaar met BREEAM, maar het hangt enorm af van hoe innovatief en complex je circulaire concept is. Ook het WELL Building Standard is een stuk duurder, vaak vanaf €10.000, omdat het focust op gezondheid en er dus extra metingen nodig zijn (luchtkwaliteit, geluid, licht).

Praktische tips voor je start

Denk na over het juiste certificaat voor jouw project. Wil je vooral scoren

Portret van Thomas Hoekstra, Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Over Thomas Hoekstra

Thomas is bouwkundig ingenieur en adviseur circulaire economie in de bouwsector. Hij helpt aannemers, architecten en opdrachtgevers met de transitie naar circulair en biobased bouwen.