Circulaire galerie en kunstruimte: flexibele wanden en biobased afwerking

Portret van Thomas Hoekstra, Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Thomas Hoekstra
Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Toepassingen per Gebouwtype & Project · 2026-02-15 · 5 min leestijd

Een kale, witte galerieruimte. Saai, niet? Je wilt een plek die ademt, die reageert op de kunst en de mensen.

Een plek die niet vastroest in één opstelling. Je bent op zoek naar een plek die net zo dynamisch is als de kunst die je er toont.

Je wilt geen bouwput, maar een podium. Dat is precies wat we gaan bouwen: een circulaire galerie die leeft, met flexibele wanden en materialen die de aarde een handje helpen. Geen hoge verhalen, maar een concrete aanpak.

Wat is een circulaire galerie eigenlijk?

Stel je een galerie voor die niet gebouwd is om over te slopen. Een circulaire galerie is een plek die in de toekomst kan veranderen, kan verhuizen of zelfs helemaal opgelost kan worden.

De materialen die we gebruiken, die kennen elkaar al. Ze zijn eerder gebruikt, of ze zijn zo gemaakt dat ze weer volledig bruikbaar zijn.

We halen grondstoffen uit de stad, dat noem je urban mining. Denk aan staal uit gesloopte kantoren of bakstenen uit een oude fabriekshal. Dat hergebruik scheelt enorm veel nieuwe productie en dus CO2-uitstoot.

We bouwen niet voor de prullenbak, we bouwen voor de toekomst. De wanden in zo’n ruimte zijn de sterren van de show.

Ze zijn niet met cement en gips aan de grond geschroefd. Nee, ze zijn flexibel. Je kunt ze verplaatsen, draaien of zelfs inklappen. Zo bepaal jij hoe de ruimte voelt.

Grote open vlakte voor een performance? Of juist kleine, intieme kamertjes voor schilderijen? Het kan allemaal. En de afwerking?

Die doen we met biobased materialen. Dat zijn materialen die uit de natuur komen en weer terug kunnen naar de natuur, zonder rotzooi achter te laten.

De kern: flexibele wanden en biobased afwerking

Het hart van je nieuwe galerie is de wand. We gebruiken geen zware gipsblokken. Kies voor een systeem dat je makkelijk in en uit elkaar haalt.

Denk aan wanden van MycoTile of vergelijkbare systemen. Dit zijn panelen die gemaakt zijn van mycelium (de wortels van paddenstoelen) en houtvezels.

Ze zijn licht, sterk en volledig composteerbaar aan het einde van hun leven. Je koopt ze vaak op maat, bijvoorbeeld in standaardmodules van 120x240 cm. De prijs?

Rond de €150 tot €200 per paneel, afhankelijk van de dikte en afwerking. Ze zijn van nature brandwerend en hebben een prachtige, organische structuur. Voor de sfeer en de akoestiek wil je geen harde, reflecterende muren.

Daarom werken we de wanden af met biobased pleisters. Denk aan kalkpleister van St.

Astier of een leemstuc van Leemwereld. Deze materialen reguleren de luchtvochtigheid in de ruimte. Dat is goed voor de kunstwerken én voor de mensen. Ze zijn niet giftig en ademen.

De prijs voor zo’n pleister ligt tussen de €10 en €20 per kilo, en je hebt ongeveer 1 tot 1,5 kilo per vierkante meter nodig. Je brengt het aan op de myceliumpanelen met een blokkwist.

Simpel, snel en het voelt meteen warm en zacht aan. De wanden zetten we op een verrijdbaar onderstel van staal, hergebruikt van een oude fabrieksbalk.

Modellen en prijzen: jouw galerie op maat

Elke ruimte is anders, maar je kunt grofweg drie ‘modellen’ onderscheiden. Stel je hebt een ruimte van 100 m2.

  1. De Basis (Budget): Dit is de kale versie. Je gebruikt hergebruikte spaanplaten (van oude kantoorinrichtingen) als wandpanelen. Die schuur je op en lak je af met een biobased olie van Rubio Monocoat (rond de €40 per liter). Je zet ze neer op simpele, verrijdbare houten karren. Je bent dan ongeveer €3.000 tot €5.000 kwijt voor de wanden en het onderstel van een 100m2 ruimte. Functioneel en super circulair.
  2. De Middenmoot (Smart): Hier kies je voor de genoemde MycoTile-panelen met leemstuc. De wanden zijn lichter, mooier en beter voor het klimaat. Je combineert dit met een strakker verrijdbaar systeem van aluminium of hergebruikt staal. Voor diezelfde 100m2 ruimte, met bijvoorbeeld 4 tot 6 verplaatsbare wanden, ben je snel €8.000 tot €12.000 kwijt. Dit is de sweet spot voor serieuze galeries.
  3. De Top (High-End): Hier gaan we voor maatwerk. Denk aan wanden van Ecoboard (een stevig paneel van afvalhennep) gecombineerd met een speciaal biobased verfsysteem van Auro of Secura. De verrijdbare systemen zijn dan custom made, met stille, zware wielen en slimme koppelingen. De kosten voor deze wanden kunnen oplopen tot €15.000 - €20.000, afhankelijk van de complexiteit en het aantal.

Dan zijn dit opties: Let op: dit zijn enkel de kosten voor de wanden en de afwerking. Dit is wat je in de ruimte zet. Dit is de circulaire investering die je doet.

Praktische tips om te starten

Je wilt beginnen. Waar start je? Eerst het afval. Ga op urban mining.

Kijk rond in je eigen stad. Bij sloopbedrijven of op sites als Marktplaats of Facebook Marketplace vind je vaak partijen staal, hout of oude deuren. Je kunt hiermee de verrijdbare frames bouwen.

Dit scheelt enorm in je materiaalkosten en je geeft direct afval een nieuw leven. Voor de biobased materialen hoef je het internet niet afstruinen; denk bijvoorbeeld aan de rustgevende sfeer van een serene biobased rouwkamer.

Ga langs bij bouwmarkten die gespecialiseerd zijn in duurzaam bouwen, zoals Groen Bouwpartners of De Energiebespaarshop, en informeer direct naar de voorwaarden voor een circulair houtbouwproject.

Vraag daar specifiek naar materialen met een MPA-certificering of andere biobased keurmerken. Dit is ook ideaal wanneer je een circulaire woongroep wilt realiseren. Koop niet teveel; de kunst van circulair bouwen is precies werken. Meet je ruimte drie keer op. Teken een plattegrond.

Bepaal hoeveel wanden je echt nodig hebt om de ruimte flexibel te houden. Drie of vier wanden zijn vaak al genoeg om een hoekje te creëren of een doorkijk te blokkeren.

Zorg dat je materialen kiest die tegen een stootje kunnen. Een galerie leeft. Mensen lopen er langs, soms met een jas of een tas. Kies voor afwerkingen die makkelijk schoon te maken zijn.

Een leemstuc kun je bijvoorbeeld bijwerken met een beetje water en een borstel.

Een houten paneel kun je opschuren en opnieuw oliën. Het onderhoud moet je zien als een ritueel, niet als een straf. Zo blijft je ruimte mooi en groeit het karakter met de tijd.

Denk ook aan het licht. Een circulaire wand is vaak wat matter en warmer dan een gipswand.

Het licht zal zachter reflecteren. Test dit voordat je alles vastzet. Hang een proeflamp op en kijk hoe het licht valt op je materiaalstalen.

Zo voorkom je dat je kunstwerken in de schaduw verdwijnen. Je bouwt een plek voor kunst, dus het licht is je beste vriend.

Portret van Thomas Hoekstra, Bouwkundig Ingenieur & Circulaire Bouw Adviseur
Over Thomas Hoekstra

Thomas is bouwkundig ingenieur en adviseur circulaire economie in de bouwsector. Hij helpt aannemers, architecten en opdrachtgevers met de transitie naar circulair en biobased bouwen.

Volgende stap
Bekijk alle artikelen over Toepassingen per Gebouwtype & Project
Ga naar overzicht →