Circulaire buurttuin en volkstuincomplex: gezamenlijk en duurzaam
Stel je voor: je loopt je achterdeur uit en staat midden in een groene oase waar buren samen komkommers plukken en oude bakstenen weer nieuw leven krijgen.
Dat is precies wat een circulaire buurttuin of volkstuincomplex kan zijn. Het is niet alleen een plek om te tuinieren, maar een levend voorbeeld van hoe we slimmer met materialen en ruimte omgaan. Geen verspilling, wel samenwerking en heel veel plezier. Het idee is simpel en krachtig.
We bouwen tuinhuisjes, schuttingen en borders met materialen die al eens ergens anders dienden. We kiezen voor biobased materialen die je later weer terug in de natuur kunt opnemen.
En we gebruiken stadsgrond op een slimme manier, met een mix van hergebruik en urban mining.
Zo ontstaat een plek die groeit, leeft en altijd vernieuwd kan worden.
Wat is een circulaire buurttuin of volkstuincomplex?
Een circulaire buurttuin of volkstuincomplex is een tuin of park waarbij alles draait om hergebruik, biobased materialen en een gesloten materiaalkringloop. Tuinhuisjes worden gebouwd met hergebruikte houten regels en gevelplanken.
Schuttingen bestaan uit oude damwandplanken of gerecyclede composietplanken. Borders worden gestut met gebakken klinkers van gesloopte panden. Alles is zo ontworpen dat het na jaren weer ontmanteld en opnieuw gebruikt kan worden.
Je werkt hierbij met een mix van urban mining en biobased materialen.
Urban mining betekent dat je materialen ‘oogst’ uit bestaande gebouwen en infrastructuur. Denk aan stalen balken, bakstenen, betonpuin en houten balken die je opnieuw verwerkt. Biobased materialen zijn gemaakt van hernieuwbare grondstoffen, zoals hout, vlas, stro, hennep en bamboe.
Ze zijn licht, CO2-arm en vaak composteerbaar. Waarom is dit belangrijk?
Omdat traditioneel tuinieren en bouwen veel materiaal verbruikt en afval produceert. Met een circulaire aanpak verlaag je de ecologische voetafdruk, bespaar je kosten en maak je de tuin weerbaarder voor de toekomst.
Bovendien versterkt het de buurt: je werkt samen, deelt kennis en ziet direct resultaat.
De kern en werking: materialen, bouwen en onderhoud
Begin met een materiaalpaspoort voor je tuin. Noteer wat je waar vandaan haalt, welke afmetingen en welke herkomst.
Zo houd je overzicht en maak je hergebruik makkelijker. Voor een tuinhuisje van 3x4 meter kies je bijvoorbeeld voor hergebruikte regels van 5x10 cm en gevelplanken van 18x145 mm.
Reken op een kostenpost van €350-€500 voor hout, afhankelijk van kwaliteit en herkomst. Voor schuttingen gebruik je damwandplanken van 18x195 mm, hergebruikt uit oude schuren. Een schutting van 10 meter lang kost zo €200-€350, inclusief hergebruikte staanders en bevestiging.
Kies voor RVS-schroeven van 5x60 mm om roestvorming te voorkomen. Ga je liever voor biobased?
Dan is een schutting van vlascomposietplanken een optie: circa €40-€60 per vierkante meter, volledig composteerbaar en duurzaam. Borders en paden kun je leggen met gebakken klinkers van 20x10x5 cm, afkomstig van gesloopte straten. Reken op €15-€25 per m² bij hergebruik. Wil je een zachte rand, dan werkt een biobased kantopsluiting van geperst riet of bamboe.
Die kost €10-€15 per meter en is composteerbaar. Voor waterberging kies je een regenwaterton van gerecycled HDPE, circa €80-€120 voor 200 liter.
Onderhoud is onderdeel van het circulaire concept. Houten delen kun je behandelen met lijnolie of biologische beits, zonder oplosmiddelen. Composietplanken reinig je met een groene zeep-oplossing.
En als iets versleten is, demonteer je het en geef je het een tweede leven. Zo blijft de tuin in beweging en leer je steeds beter wat werkt.
Modellen en prijsindicaties: van compact tot uitgebreid
Model 1: Compacte buurttuin (200-300 m²). Dit is een starterstuin met vier tuinbakken van 1,2x0,6 meter, een kleine opslag van 2x2 meter en een smalle wandelpad van 1 meter breed.
Materialen: hergebruikt hout, biobased kantopsluiting, en een regenwaterton van 100 liter. Totale kosten: €2.000-€3.500.
Bouwtijd: een weekend met 4-6 personen. Model 2: Volkstuincomplex (1.000-2.000 m²). Hier zitten 10-15 volkstuinen van 25 m² per stuk, een centrale opslag van 3x4 meter, en een groenschuur van 4x6 meter.
Materialen: hergebruikte damwandplanken, staalprofielen uit urban mining, en biobased dakbedekking van stro of houtvezelplaten. Kosten: €15.000-€25.000 inclusief materialen en gereedschap. Door te crowdfunden of subsidie aan te vragen, kun je dit bedrag vaak halveren. Dit past perfect binnen een duurzame wijk.
Model 3: Groen-werkplek (500-800 m²). Combineer tuinieren met een kleine werkplaats voor reparatie en hergebruik.
Gebruik een bestaande loods of schuur en laat je voor de renovatie inspireren door het verhaal van circulariteit in het gebouw zelf. Kosten: €10.000-€20.000, afhankelijk van de staat van het gebouw.
Extra’s: gereedschap delen, workshops organiseren, en een kleine verkoop van oogst. Subsidies en financiering: kijk bij de gemeente voor groenste subsidies, bij provincies voor circulaire projecten, en bij fondsen zoals het VSBfonds of het Oranjefonds. Een kleine subsidie van €1.000-€5.000 kan een groot verschil maken. Ook materialen kun je vaak krijgen via sloopbedrijven of sociale ondernemingen, soms gratis of tegen een kleine vergoeding.
Varianten en slimme combinaties
Een populaire variant is de voedselbos-tuin. Hier plant je bomen en struiken die eetbaar zijn en die zichzelf onderhouden.
Combineer met hergebruikte houten paden en biobased borders. Kies voor appel- en perenbomen van €20-€40 per stuk, en voor vaste planten zoals bessen en kruiden van €3-€8 per plant.
Een andere optie is de watergang-tuin. Graaf een ondiepe sloot van 30 cm diep en 1 meter breed, en leg de randen met hergebruikte stenen. Vul de sloot met regenwater via een hemelwaterafvoer.
Kosten: €500-€1.000 voor een sloot van 20 meter lang. Dit trekt insecten en vogels en zorgt voor een betere waterhuishouding. Wil je meer biodiversiteit? Maak een insectenhotel van hergebruikte houten balken en riet. Kosten: €50-€100.
Of bouw een kleine kippenren van oude gaaspanelen en houten palen, circa €150-€300.
Zo krijg je een levendige tuin waar van alles gebeurt. Voor wie houdt van kunst en design: maak sculpturen van oud ijzer en gerecyclede kunststoffen.
Of schilder muurschilderingen op hergebruikte platen. Dit maakt de tuin persoonlijk en trekt bezoekers.
Praktische tips voor een geslaagde start
- Begin met een kleine groep van 4-6 betrokken buren. Deel taken en verantwoordelijkheden.
- Vraag bij de gemeente naar een groenverklaring en eventuele vergunningen. Soms is een melding voldoende.
- Zoek naar materialen via sloopbedrijven, bouwmarkten met restpartijen, en sociale ondernemingen. Vraag altijd om een materiaalpaspoort.
- Investeer in goed gereedschap: een boormachine, zaag, en veiligheidsmiddelen. Kosten: €200-€400.
- Plan een startdag met een duidelijke planning. Verdeel taken: slopen, meten, zagen, monteren, en schoonmaken.
- Maak een onderhoudsrooster. Spreek af wie wanneer wat doet, en houd materiaalresten bij voor hergebruik.
- Organiseer regelmatig workshops over circulair tuinieren, biobased materialen en hergebruik. Zo blijft de tuin levendig en leer je samen.
“De beste tuin is er een die je samen maakt, waar niets verloren gaat en waar elk hoekje een verhaal heeft.”
Een circulaire buurttuin of volkstuincomplex is een plek waar je samen bouwt,
